Een leerling die technisch kan lezen en toch de toets mist, probeert vaak de hele tekst te onthouden. Dat past niet in het werkgeheugen, zeker niet wanneer decoderen nog moeite kost. Karin Mulder oefent in Utrecht daarom vier leesstrategieën en niet een map van dertig icoontjes. Dit stuk legt die vier uit zoals ze in de module leesstrategieën worden geoefend. Decoderen dat nog niet loopt, hoort eerst bij dyslexiebegeleiding.

Leesliniaal en structuurkaartjes op een tafel tijdens een les in Utrecht
Vier leesstrategieën: voorspellen, vragen, één zin, terugzoeken.

Voorspellen duurt dertig seconden. De leerling zegt hardop wat de tekst waarschijnlijk gaat doen, op basis van titel en tussenkoppen. Een foute voorspelling is bruikbaar; hij geeft een plaats om bij te sturen. Geen voorspelling betekent dat de leerling de tekst in gaat als een muur. Vragen stellen gebeurt per alinea, één vraag. Markeren zonder vraag is versieren en ziet er op een blad ijverig uit terwijl het niets ordent.

Eén zin en daarna terugzoeken

Na de alinea schrijft de leerling één zin, niet een parafrase van een halve bladzijde. Die zin is het haakje voor later. Bij de toetsvraag mag hij terugzoeken op een woord uit de vraag. Opnieuw bovenaan beginnen is de strategie die onder tijdsdruk het meeste tijd kost en het minste oplevert. Wij afleren hem expliciet, ook als een methode juist ‘herlees de tekst’ adviseert.

Strategie Tijd Klaar als
Voorspellen 30 seconden Eén hardop zin vóór het lezen
Vragen Per alinea Eén vraag in de kantlijn
Eén zin Een minuut De zin dekt de alinea
Terugzoeken Bij de vraag Alleen de alinea met het zoekwoord

Oefen op een tekst die deze maand echt meetelt: zaakvak, instructie bij wiskunde, een studiestuk. Een losse oefentoets uit een bijlage blijft een oefentoets. De leerling moet de strategie kunnen opnoemen zonder het blad. Lukt dat niet, dan is hij er niet. In de klas helpt het als de docent dezelfde vier namen gebruikt. Een vijfde strategie van een andere training halen wij eruit tot deze vier saai zijn geworden. Saai betekent hier: beschikbaar onder druk. Schrijf de vier namen op een kaartje dat in de etui blijft, niet op een poster die na de toetsweek verdwijnt.

Ouders die mee willen lezen, mogen de voorspelling horen en daarna zwijgen. Voorzeggen haalt de vraag weg. Twijfelt u of het decoderen stiekem nog de bottleneck is, laat de leerling dan één alinea hardop lezen. Haperen op meer dan een paar woorden per regel betekent dat u de strategieën te vroeg inzet. Dat is geen falen van de leerling. Het is de verkeerde module, en die correctie is precies waar een intake voor dient.